top of page
Zoeken

Netcongestie en maatschappelijke prioriteit: wat het nieuwe ACM‑kader betekent voor gemeenten

  • marnixfeskens
  • 6 mrt
  • 4 minuten om te lezen

Netcongestie is voor gemeenten inmiddels een dagelijks beleidsvraagstuk. Woningbouw-projecten lopen vertraging op, bedrijventerreinen kunnen niet uitbreiden en maatschappelijke voorzieningen vragen om zekerheid over hun elektriciteitsaansluiting. Tegen deze achtergrond heeft de Autoriteit Consument & Markt (ACM) een nieuw prioriteringskader vastgesteld voor de verdeling van schaarse transportcapaciteit op het elektriciteitsnet. Met dit kader blijft het ook na 2026 mogelijk om maatschappelijke projecten voorrang te geven, maar wel op basis van scherpere, objectieve criteria.

 

Voor gemeenten is dit kader van groot belang. Niet alleen omdat het directe gevolgen heeft voor woningbouw, voorzieningen en economische ontwikkeling, maar ook omdat de rol van gemeenten in het tijdig organiseren en onderbouwen van prioriteit nadrukkelijk groter wordt.

 

Van ‘wie het eerst komt’ naar ‘wat het meest nodig is’

Op veel plekken in Nederland is het elektriciteitsnet structureel overbelast. Waar vroeger het principe ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt’ leidend was, dwingt de huidige schaarste tot andere keuzes. Het nieuwe prioriteringskader maakt expliciet dat netcapaciteit een publiek schaars goed is, dat gericht moet worden ingezet waar het maatschappelijk het meeste oplevert.

 

De ACM onderscheidt daarbij drie categorieën, die in vaste volgorde worden toegepast. Projecten die actief bijdragen aan het verminderen van netcongestie – zoals energiehubs, batterijopslag en flexibele netoplossingen – krijgen als eerste toegang. Daarna volgen projecten die essentieel zijn voor veiligheid en vitale infrastructuur, zoals zorg, noodhulp en waterbeheer. Pas daarna komen maatschappelijke basisbehoeften aan bod, waaronder woningbouw, onderwijs en openbaar vervoer.

 

Voor gemeenten betekent dit dat prioriteit geen automatisme meer is, maar het resultaat van inhoudelijke keuzes en onderbouwing.

 

Woningbouw: expliciete prioriteit, mits goed voorbereid

Het nieuwe kader bevestigt dat woningbouw een maatschappelijke basisbehoefte is. Dat geldt voor alle woonvormen: van grootschalige gebiedsontwikkelingen tot gedeelde huisvesting en individuele woningverzwaringen. Een belangrijk nieuw element is dat gemeenten al vroeg in de planfase prioriteit voor woningbouw kunnen aanvragen bij de netbeheerder.

 

Tegelijk verandert de praktijk van aansluiten. Tot nu toe reserveerden netbeheerders capaciteit voor kleinverbruikers, waardoor woningbouw vaak nog kon doorgaan, ook in congestie-gebieden. Deze werkwijze stopt per 1 juli 2026. Vanaf dat moment komen klein- en groot-verbruikers in één gezamenlijke wachtrij terecht, waarbij maatschappelijke prioriteit doorslaggevend is.

 

Dat vraagt van gemeenten een andere manier van werken: woningbouwprogrammering, ruimtelijke keuzes en netcapaciteit moeten veel nauwer op elkaar worden afgestemd dan voorheen.

 

Bedrijventerreinen en energiehubs: sturen op systeemwaarde

Voor bedrijventerreinen biedt het nieuwe kader ook kansen. Traditionele uitbreidingsverzoeken zonder flexibiliteit belanden vaak onderaan de wachtrij. Maar bedrijventerreinen die collectief investeren in energiehubs, opslag en slimme sturing kunnen juist in de hoogste categorie terechtkomen: die van congestieverzachters.

 

Voor gemeenten ligt hier een duidelijke rol:

·    het faciliteren van samenwerking tussen bedrijven;

·    het verbinden van ruimtelijke ontwikkeling aan energiesysteemoplossingen;

·    en het actief meenemen van energiehubs in gebiedsvisies en omgevingsplannen.

 

Zo verschuift de gemeentelijke rol van “aanvrager namens projecten” naar regisseur van maatschappelijke en systeemwaarde.

 

Overgangsperiode: nu voorbereiden loont

Tot 1 juli 2026 geldt een overgangsperiode waarin de huidige werkwijze nog van kracht is. Tegelijk werken netbeheerders, ministeries, ACM, IPO en VNG aan een nieuwe uniforme aanpak voor het eerder aanvragen en beoordelen van capaciteit, voor zowel klein- als grootverbruikers.

 

Voor gemeenten betekent dit dat afwachten geen optie is. Projecten die nu al prioriteringsklaar worden gemaakt, hebben straks een aantoonbare voorsprong.

 

Praktische checklist voor gemeenten

Wanneer komt een project in aanmerking voor maatschappelijke prioriteit?

 

Gebruik onderstaande vragen als hulpmiddel bij gebiedsontwikkeling, woningbouw-programmering en economische projecten.

 

1. Draagt het project bij aan het oplossen of verminderen van netcongestie?

Is er sprake van flexibiliteit, opslag of collectieve sturing, bijvoorbeeld via een energiehub of slimme netoplossing? Projecten die aantoonbaar ruimte op het net creëren, komen als eerste in aanmerking voor prioriteit.

 

2. Vervult het project een vitale functie voor veiligheid of continuïteit?

Denk aan zorgvoorzieningen, water- en afvalwaterketen, nood- en hulpdiensten of vitale communicatie. Kan worden onderbouwd dat uitstel leidt tot risico’s voor veiligheid of publieke dienstverlening?

 

3. Gaat het om woningbouw of andere maatschappelijke basisbehoeften?

Betreft het woningen, onderwijs, openbaar vervoer of andere essentiële voorzieningen? Is de maatschappelijke urgentie (woningtekort, doelgroepen, regionale afspraken) duidelijk vastgelegd?

 

4. Is het project tijdig en volledig voorbereid?

Zijn plannen voldoende uitgewerkt om al in een vroege fase een prioriteitsverzoek te doen? Is duidelijk wanneer capaciteit nodig is, in welke omvang en op welke locatie?


5. Is er afstemming met netprogrammering en regionale plannen?

Sluit het project aan bij regionale woningbouwafspraken, RES‑doelen en de investeringsplannen van de netbeheerder? Samenhang vergroot de kans op toekenning.

 

6. Is helder wat er gebeurt als het project geen netcapaciteit krijgt?

Kan concreet worden gemaakt welke maatschappelijke, ruimtelijke of economische schade ontstaat bij uitstel? Deze onderbouwing weegt zwaar in de beoordeling.

 

Met het nieuwe prioriteringskader benadrukt de ACM dat netcapaciteit geen vanzelfsprekende randvoorwaarde meer is, maar een strategisch sturingsinstrument. Voor gemeenten betekent dit een verschuiving van reactief naar proactief handelen. Wie woningbouw, bedrijventerreinen en energieoplossingen integraal benadert en tijdig prioriteert, houdt regie in een steeds krapper energiesysteem.

 
 
 

Recente blogposts

Alles weergeven

Opmerkingen


© 2020 by GroEnergie Groep B.V.

  • Facebook
  • Instagram - Black Circle
bottom of page